Afbeelding

Burghje Boven

Algemeen

Sinds kort heb ik nieuwe buren in het huis schuin tegenover dat van mij. En dat is leuk, want het zijn heel leuke mensen. En ze zijn heel erg blij met hun nieuwe plek. Maar het is ook een beetje stom, want mijn moeder woonde daar tot voor kort nog. Zij is verhuisd naar een fijne levensloopbestendige woning. Dat betekent best een grote verandering voor zowel haar als voor mij en mijn kinderen. Hemelsbreed woont ze nu hooguit anderhalve kilometer verderop. Ik heb vriendinnen die twee uur rijden van hun ouders vandaan wonen. Je zou dus denken, waar doe je moeilijk over? Wat mij betreft is dat toch niet zo simpel.

Al zo lang ik me kan herinneren is het huis in Burgh in onze familie. Mijn opa en oma woonden er toen ik geboren werd. Ik zat er met mijn opa op het bankje voor het klompenkot te keuvelen en mijn oma maakte van het grote houten wasrek met dekens erover een hut voor me in de tuin. Binnen spelen was er niet bij, want mijn oma hield van schoon, schoner, schoonst. Niet veel mensen kwamen verder dan dat klompenkot. Toen mijn grootouders in de jaren negentig het huis van de woningbouwvereniging mochten kopen, deden ze dat niet, ze gunden het mijn ouders. Die kochten het om er later zelf te gaan wonen. Mijn vader bouwde er eigenhandig een serre en een garage aan en maakte er een nog mooiere plek van. Het werd voor mij en mijn zussen ons nieuwe ouderlijk huis, ook al heb ik er zelf nooit gewoond.

Wel kocht ik het huis schuin tegenover dat van hen. En door de jaren heen werden onze huizen een verlengstuk van elkaar. We liepen dagelijks over en weer bij elkaar binnen. Een ei of aardappel te kort bij het koken? Die vond je wel in de keuken in het andere huis. Ik snoeide hun heg, zij lieten onze poezen in en uit wanneer we er niet waren. Als er opgepast moest worden, droegen we de kinderen in hun slaapzak even naar de overkant. En na het overlijden van mijn vader, pasten we wat meer op mijn moeder. Iedere avond keek ik of het licht nog brandde en iedere ochtend of de luxaflex al open waren. We dachten dat het altijd zo zou blijven. Maar dat was misschien een beetje naïef.

Het huis werd een last voor mijn moeder alleen en dan moet je realistisch zijn. Begin dit jaar kwam er een aanbod van de woningbouwvereniging, een huisje op Haamstede. Dat was wel even slikken. Al is Burgh-Haamstede tegenwoordig één dorp, het is nu eenmaal een gegeven dat het voor een geboren Burghenaar wel een dingetje is om op Haamstede te gaan wonen. Vraag maar aan je oude Schouwse buurman. We zeggen hier niet voor niets: Burghje Boven. (Lees: er gaat niets boven Burgh) Natuurlijk maakten we er een fijne plek van voor haar, een nieuw thuis met alles erop en eraan. En toch is het voor iedereen wennen. Maar gelukkig hebben we wel leuke nieuwe buren. Daar mogen we straks vast ook een ei of een aardappel komen halen.

Mariska den Hartog

Meer nieuws