Locatiemanager Ron van der Pluijm in één van de groepskeukens samen met gastvrouw Elma.
Locatiemanager Ron van der Pluijm in één van de groepskeukens samen met gastvrouw Elma.

“Zierik7 moet vlaggenschip worden waar we trots op zijn”

Algemeen

Het heeft verpleeghuis Zierik7 in Zierikzee (Allévo) in het begin niet meegezeten. Al tijdens de bouw van het complex ging het fout toen de aannemer failliet ging. Maar ook sinds de opening in mei 2022 was het onrustig. Het personeel vertrok uit onvrede en dat kostte uiteindelijk locatiemanager van het eerste uur, Niels Tournoij, de kop. Hij kon het tij niet keren. Nu ligt de leiding sinds een klein half jaar bij de 63-jarige Ron van der Pluijm en lijkt er licht aan het einde van de tunnel.

“Ik denk dat we voor tachtig procent op weg zijn. We willen het vlaggenschip zijn waarop iedereen trots is”, aldus Van der Pluijm. Tevreden toont hij één van de negen keukens in het complex, waar gastvrouwen samen met, waar mogelijk, de bewoners de dagelijkse maaltijd verzorgen. Rode kool met een bal gehakt, dit keer.

Het oorspronkelijke concept van Zierik7 is, dat bewoners binnen het gebouw grote vrijheid genieten. Ze hebben allemaal hun eigen stek, maar het idee is dat ze elkaar ontmoeten in leefgroepen, afgestemd op het aantal prikkels dat bewoners aan kunnen. Het personeel moest allround aan de slag; koken, zorg leveren, huishouding. Het gebouw leende zich er niet voor, dat zorgde voor veel onrust. Onder regie van Van der Pluijm zijn er nu drie groepen medewerkers, zorg, huishouding en gastvrouwen. Die laatste groep is van 08.00 tot 20.00 uur aanwezig. “We willen dat er altijd mensen aanwezig zijn, waar onze bewoners terecht kunnen. Dat is gelukt. Sinds januari wordt er ook weer gekookt in de groepen. Daarvoor waren het kant- en-klaar maaltijden.’’ Dat betekent wel dat er per 1 april maar liefst 55 gastvrouwen op de loonlijst staan. Er werd veel over gemopperd.

Ook over het feit dat ZZP’ers plaats hebben moeten maken voor mensen in vaste dienst. Van der Pluijm heeft het niet zo op ZZP’ers (kleine zelfstandigen met vaak maar een of twee opdrachtgevers). “Ze blijven vaak niet zo lang, maar willen wel beleid maken.’’ Overigens is Van der Pluijm wel van plan zijn loopbaan in Zierik7 af te ronden: over een jaar of vier dus tot aan zijn pensioengerechtigde leeftijd. 

Van der Pluijm woont sinds een jaar of negen in Bruinisse. Hij en zijn vrouw zochten na Spijkenisse een rustige omgeving en ruimte voor de paarden. Hij had een carrière in de mondzorg en het ziekenhuis achter de rug. Daarvoor was hij negen jaar militair. Door zijn lidmaatschap van de algemene cliëntenraad leerde hij Allévo kennen en Allévo hem. Dat bracht hem uiteindelijk de baan in Zierikzee. Dat het er rommelde, deerde hem niet. Hij ziet het vooral als een uitdaging. Die lag er. Sinds zijn komst is, volgens zijn schatting, de helft van de personeel nieuw in de organisatie. Hij ontkent niet dat er af en toe nog wel wat onvrede klinkt bij de medewerkers, maar beduidend minder. “Anders denk ik ook dat het beter is dat iemand ergens anders gaat werken.’’

Hij hangt de filosofie aan dat welzijn weleens belangrijker dan zorg kan zijn. ‘Geluksmomenten’ noemt hij het. Hij ziet daar wel verbeterpunten. “We zien dat de kapsalon geen goede plek heeft. Dan kun je zeggen: we stoppen ermee. Maar de kapper is voor veel mensen een uitje.’’ Of neem de vier binnentuinen. In sommigen kunnen bewoners nu niet eens komen. Dat kan wat Van der Pluijm betreft anders. Hij zegt ’erover na te willen denken’ of er misschien toch plaats moet komen voor huisdieren. Bezoekers met dieren zijn nu welkom, Maar bewoners mogen het niet. “We moeten er maar eens goed naar kjjken of het misschien toch wél kan”, aldus de locatiemanager. Hij zegt liever te kijken naar wat wel kan dan wat niet.

Zoals Van der Pluijm zegt is de volledige slag nog niet gemaakt en zal het altijd een uitdaging zijn. Vooral om voldoende personeel te werven dat de zorg kan bieden. Hij heeft het idee losgelaten dat iemand bij binnenkomst persé een diploma moet hebben. Hij ziet graag dat mensen op de onderste trede aan de slag gaan en dan intern opgeleid worden. 

Meer nieuws