Afbeelding

Volop crises

Column

Nederland is vol. Het is vaker gezegd. Maar ik doel niet op mensen. Ik doel op (bijna) 100 miljoen kippen, 12 miljoen varkens en vier miljoen koeien, die op ons lapje grond wonen. Schapen en geiten nog daargelaten. Wij zijn rentmeesters, maar gaan op een bijzondere manier om met onze medeschepselen. Bij uitbraak van besmettelijke ziekten vergassen we hen bij honderdduizenden en noemen dat – eufemistisch - ruimen. De wetenschap dat virussen ook van mens op dier kunnen overspringen verdringen we, zoals wel meer onwelkome fenomenen. We ondergaan zelf schijnbaar gelaten de gevolgen van de immense uitstoot van mest, omdat we uitsluitend de financiële vruchten daarvan denken te kunnen plukken. Eigenlijk importeren we door die export onze eigen milieucrisis. We zouden natuurlijk wel meer kunnen doen aan een snellere ontwikkeling van vaccins voor dieren daar ook op inzetten in de Europese politiek. Of sturen we daar de kat?

Maar er is meer. Feitelijk exporteren we nog een crisis, waaraan we zelf veel kunnen doen. Zonder die export zou de wereld er heel anders uit kunnen zien. Niet meteen, maar stap voor stap. We zijn een klein land, maar veel kleine landen maken een groot land. Er is mondiale lotsverbondenheid. Daarom zijn die presidentsverkiezingen in Brazilië echt niet zo ver van ons bed. Het Amazonegebied is meer dan symbolisch voor die politieke strijd. Het Amazonegebied vormt de longen van de planeet. Tegelijk is het de grootste producent van soja. Die soja is niet om mensen te voeden. Die soja is voorbestemd tot veevoer. De productie van vlees voor voeding is buitengewoon inefficiënt. Minder mag dus wel. Het is een keuze, een keuze voor het economisch belang van een selecte groep boven natuur en welzijn. Alsof de mens niet deel is van natuur of zonder natuur kan. Globaal gezien is de intensieve veehouderij daarom mede bepalend voor het lot van de Amazone.

We zijn allemaal in hetzelfde bedje ziek.

We kunnen dus wel wat uitrichten, op onze eigen schaal. De mens is niet zozeer het product van de omstandigheden. Omstandigheden zijn veeleer de producten van mensen.

In Brazilië leggen de grootverdieners zoals de producenten, de bijbehorende industrie en de banken de kaart. De vraag is hoe anders dit is in ons land. Wie het weet, mag het zeggen, maar zegt dat jammer genoeg niet. Rugklachten kennelijk. Zo blijft het bij warm noch koud blazen. Vanwege hun absurd omvangrijke leningen aan de agrarische sector vrezen banken ook zelf om te vallen als de door diezelfde banken opgepompte sectoren onvermijdelijk zullen moeten inkrimpen. Die vrees voor een bijkomende bankencrisis speelt op de achtergrond ook nog eens mee. Het is een spel dat wordt gespeeld op het bord van boeren. Zij verdienen een beter verdienmodel dan kolonisatie door industrieën en banken, voor wie geld een principe is dat alle andere principes moeiteloos achter zich laat.

Voorspoed heeft vele vrienden. Zo maken steeds weer andere mensen dezelfde geschiedenis, volop fluitend in het donker.

Wim Klaassen