
Vinvis moet terug naar Burghsluis
AlgemeenDe blauwe vinvis die in 1910 aanspoelde bij Burghsluis moet terugkomen. Die suggestie werd gedaan tijdens de opening van de nieuwe expositie in de Burghse Schoole. Die staat in het teken van familie Van der Klooster, de eerste redders en voorgangers van de Koninklijke Nederlandse Reddings Maatschappij (de KNRM).
Op 2 mei 1910 spoelde het 22 meter lange dier aan. Iedereen zat op dat moment in de kerk. ‘Dae drief un hrote vis vo de viertoren’, klonk het in de kerk. Iedereen rende naar buiten en de Van der Kloosters waren zo zakelijk dat ze met hun boot het zicht op de vis ontnamen. Voor een dubbeltje mocht het toegestroomde publiek er even op gaan staan. Totdat het dode dier begon te stinken en het naar Veere werd getransporteerd. Vandaar uit naar Naturalis.
Het dier, liefkozend Doortje genoemd, belandde uiteindelijk dus in Leiden en zou daar nog in dozen opgeslagen staan. John van Veenhuizen, voorzitter het museum ziet het dier graag naar Burgh komen. ‘’Een publiekstrekker van formaat’’, zo zegt hij. De aanwezige burgemeester Jack van der Hoek zei zijn wens mee te nemen en raadslid Ron Brink (Leefbaar) fantaseerde al hardop over een mooie plek voor het dier in de Ringwalburg. Wordt dus wel vervolgd.
